Gelijkbenige driehoek berekenen

Met deze rekenmachine voor een gelijkbenige driehoek krijg je hoogte, oppervlakte, omtrek en beide soorten hoeken. Voorbeeld: bij basis 6 en benen van 5 is de hoogte 4 en de oppervlakte 12.

Voorbeeld: Gegeven: Basis en been · Basis a 6 · Been b 5 → Resultaat: Basis a = 6 · been b = 5 · hoogte h = 4 · oppervlakte A = 12. Bron: Wikipedia – Isosceles triangle. Bijgewerkt: .

Moet langer zijn dan de halve basis.
Mijn toolboxJe invoer wordt alleen in deze browser opgeslagen.

Resultaat

Resultaat
Basis a = 6 · been b = 5 · hoogte h = 4 · oppervlakte A = 12
Alle waarden
GrootheidWaarde
Basis a6
Been b5
Hoogte h4
Oppervlakte A12
Omtrek O16
Basishoek α53,1301°
Tophoek γ73,7398°
Rekenstappen
  • Gegeven: basis a = 6 en been b = 5.
  • Hoogte op de basis: h = √(b² − (a / 2)²) = 4.
  • Oppervlakte A = a · h / 2 = 12; omtrek O = a + 2b = 16.
  • Basishoek α = arccos(a / (2b)) = 53,1301°; tophoek γ = 180° − 2α = 73,7398°.
De hoogte op de basis halveert de basis en de tophoek. De twee basishoeken zijn gelijk.

Zo wordt het berekend

Een gelijkbenige driehoek heeft twee even lange zijden, de benen, en twee gelijke basishoeken. De hoogte op de basis halveert basis en tophoek en splitst de driehoek in twee rechthoekige driehoeken.

Formules en rekenstappen

Met basis a en been b geldt h = √(b² − (a/2)²), A = a · h / 2 en O = a + 2b. De basishoek is α = arccos(a / (2b)) en de tophoek γ = 180° − 2α. Ken je basis en hoogte, dan is b = √(h² + (a/2)²). Uit been b en tophoek γ volgen a = 2b · sin(γ/2) en h = b · cos(γ/2).

Uitgewerkt voorbeeld

Basis a = 6, been b = 5: de halve basis is 3, dus h = √(25 − 9) = 4. De oppervlakte is 6 · 4 / 2 = 12 en de omtrek 6 + 10 = 16. De basishoek is arccos(0,6) ≈ 53,1301°, de tophoek 180° − 2 · 53,1301° ≈ 73,7398°. Met been 5 en γ = 90° krijg je daarentegen a ≈ 7,07107, h ≈ 3,53553 en A = 12,5.

Veelgestelde vragen

Hoe bereken je de hoogte van een gelijkbenige driehoek?

Met Pythagoras: h = √(b² − (a/2)²). Bij basis 6 en been 5 is h = √(25 − 9) = 4.

Hoe groot zijn de hoeken van een gelijkbenige driehoek?

De twee basishoeken zijn gelijk: α = arccos(a / (2b)). De tophoek is 180° − 2α; in het voorbeeld 53,1301° en 73,7398°.

Hoe bereken ik de oppervlakte?

A = basis · hoogte / 2. Voor basis 6 en hoogte 4 geeft dat 12 oppervlakte-eenheden.

Bronnen en wettelijke basis

Bijgewerkt op: · Redactioneel beleid

Vergelijkbare tools