Cijfer berekenen met punten, N-term of cesuur

Hier kun je je cijfer berekenen uit het aantal behaalde punten. Voor het centraal examen vul je de score, de schaallengte en de N-term in; de rekenmachine past de officiële formule van het CvTE toe, inclusief de grensrelaties. Voor een gewone toets kies je de cesuur. Je ziet de rekenweg, hoeveel punten je nodig hebt voor een 5,5 en de hele omzettabel.

Voorbeeld: Soort toets: Centraal examen (N-term) · Behaalde punten (score) 52 · Maximaal aantal punten (schaallengte) 80 · N-term 1 → Cijfer: 6,9 – voldoende (52 van de 80 punten). Bron: CvTE-40.00438, College voor Toetsen en Examens – Regeling omzetting scores in cijfers VO (hoofdrelatie en grensrelaties; laatstelijk gewijzigd bij regeling van 9 februari 2024, Staatscourant 2024, 6552). Bijgewerkt: .

Tussen 0,0 en 2,0. Het CvTE maakt de N-termen na het examen bekend; bij N = 1,0 is de helft van de punten een 5,5.
Mijn toolboxJe invoer wordt alleen in deze browser opgeslagen.

Resultaat

Cijfer
6,9 – voldoende (52 van de 80 punten)
Nodig voor een voldoende
Voor een 5,5 heb je minimaal 40 van de 80 punten nodig.
Rekenweg
  • 9,0 × (52 / 80) + 1,0 = 6,85
  • Afgerond op één decimaal: 6,9
Omzettabel
PuntenCijfer
01,0
21,2
41,5
61,7
81,9
102,1
122,4
142,6
162,8
183,0
203,3
223,5
243,7
263,9
284,2
304,4
324,6
344,8
365,1
385,3
405,5
425,7
446,0
466,2
486,4
506,6
526,9
547,1
567,3
587,5
607,8
628,0
648,2
668,4
688,7
708,9
729,1
749,3
769,6
789,8
8010,0
Dit is het cijfer voor het centraal examen van één vak. Je eindcijfer is het gemiddelde van dit cijfer en je schoolexamencijfer, afgerond op een heel getal.

Zo wordt het berekend

Cijfer berekenen met de N-term

Voor de centrale examens in het voortgezet onderwijs geldt één landelijke formule, vastgelegd in de Regeling omzetting scores in cijfers van het College voor Toetsen en Examens (CvTE):

cijfer = 9,0 × (score / schaallengte) + N

De score is het aantal punten dat je hebt gehaald, de schaallengte het maximale aantal punten en N de normeringsterm: een getal tussen 0,0 en 2,0 dat het CvTE na afloop per examen vaststelt. Hoe moeilijker het examen bleek, hoe hoger de N-term. Het cijfer wordt afgerond op één decimaal.

Voorbeeld: 52 van de 80 punten bij een N-term van 1,0 geeft 9,0 × 52 / 80 + 1,0 = 6,85, afgerond een 6,9. Voor een 5,5 heb je bij deze N-term minimaal 40 punten nodig.

De grensrelaties

Bij een N-term die afwijkt van 1,0 zou de formule aan de uiteinden vreemde cijfers geven: een 10 zonder alle punten, of meer dan een 1 zonder één punt. Daarom zijn er vier grensrelaties:

Voorbeeld: 76 van de 80 punten bij N = 0,4. De hoofdformule geeft 8,95, maar de grensrelatie voor hoge scores geeft 10,0 − 4 × (9 / 80) × 2 = 9,1. Het cijfer is dus een 9,1. De rekenweg laat steeds zien of een grensrelatie is toegepast.

Cijfer berekenen voor een toets met cesuur

Bij schooltoetsen bepaalt de docent of de sectie de normering. Meestal wordt een cesuur gebruikt: het percentage van de punten waarbij je precies een 5,5 haalt. Onder de cesuur loopt het cijfer in een rechte lijn van 1,0 naar 5,5, erboven van 5,5 naar 10,0.

Voorbeeld: 52 van de 80 punten bij een cesuur van 55 %. De grens ligt bij 44 punten; 5,5 + 4,5 × (52 − 44) / (80 − 44) = 6,5. Bij een cesuur van 50 % is de uitkomst gelijk aan de bekende formule 9 × punten / totaal + 1.

Van examencijfer naar eindcijfer

Het cijfer voor het centraal examen is nog niet je eindcijfer. Voor vakken met een centraal examen is het eindcijfer het gemiddelde van het schoolexamencijfer en het cijfer van het centraal examen, afgerond op een heel getal. De N-termen van dit jaar vind je op Examenblad.nl zodra ze bekend zijn.

Veelgestelde vragen

Hoe bereken je je cijfer met de N-term?

Deel je score door het maximale aantal punten, vermenigvuldig met 9 en tel de N-term erbij op. Rond af op één decimaal. Met 52 van de 80 punten en N = 1,0 krijg je 6,85, dus een 6,9.

Wat is de N-term?

De normeringsterm: een getal tussen 0,0 en 2,0 waarmee het CvTE corrigeert voor de moeilijkheid van een examen. Bij een N-term van 1,0 levert de helft van de punten een 5,5 op.

Hoeveel punten heb ik nodig voor een voldoende?

Dat hangt af van de N-term of de cesuur. De rekenmachine toont direct het minimale aantal punten voor een 5,5. Bij 80 punten en N = 1,0 zijn dat er 40.

Wat is een cesuur?

De grens tussen onvoldoende en voldoende: het percentage van de punten waarbij je een 5,5 krijgt. Veel docenten gebruiken 55 %.

Hoe bereken je een cijfer zonder N-term?

Voor een toets zonder aparte normering gebruik je meestal 9 × punten / totaal + 1. Kies ‘Toets met cesuur’ en vul 50 % in, dan rekent de rekenmachine precies zo.

Wanneer worden de N-termen bekendgemaakt?

Na de normering van elk tijdvak, kort voor de uitslag. Het CvTE publiceert ze op Examenblad.nl.

Bronnen en wettelijke basis

Bijgewerkt op: · Redactioneel beleid

Vergelijkbare tools