Muzikale intervallen berekenen: terts, kwint en meer

Met deze tool bepaal je muzikale intervallen: kies twee noten en je krijgt de naam van het interval, het aantal halve tonen, de omkering en de verhouding in zuivere en gelijkzwevende stemming.

Voorbeeld: Eerste noot (laag): C · Tweede noot (hoog): E → Interval: grote terts. Bron: Wikipedia – Interval (music) (interval names, just ratios, cents). Bijgewerkt: .

De schrijfwijze telt: C–Dis is een overmatige secunde, C–Es een kleine terts.
Mijn toolboxJe invoer wordt alleen in deze browser opgeslagen.

Resultaat

Interval
grote terts
Eigenschappen
EigenschapWaarde
NotenC → E
Intervalgrote terts
Trappen (notennamen geteld)3
Halve tonen4 (2 hele tonen)
Omkeringkleine sext
Gelijkzwevend (frequentieverhouding)1,2599 (400 cent)
Zuiver (verhouding)5:4 (386 cent)
Verschil zuiver − gelijkzwevend−13,7 cent
Toelichting
  • Zo komt het tot stand: de afstand is 3 trappen (notennamen van onder naar boven geteld) en 4 halve tonen.
  • Bij een omkering gaat de onderste noot een octaaf omhoog: trap n wordt trap 9 − n, groot wordt klein en overmatig wordt verminderd.
Er wordt opwaarts gerekend binnen één octaaf. De zuivere verhoudingen komen uit de 5-limit-stemming (tritonus 45:32); andere systemen kennen varianten.

Zo wordt het berekend

Een interval is de afstand tussen twee noten: C tot E is een grote terts van vier halve tonen. Om het te benoemen tel je eerst de trappen en dan de halve tonen.

Zo bepaal je een interval

Tel de notennamen van onder naar boven: C–D–E zijn er drie, dus een terts. De halve tonen bepalen de soort. Prime, kwart, kwint en octaaf zijn „zuiver”, secunde, terts, sext en septiem zijn „groot” of „klein”. Een halve toon meer maakt een interval overmatig, een halve toon minder verminderd.

Zuiver en gelijkzwevend

In zuivere stemming hoort bij elk interval een eenvoudige verhouding, zoals 5:4 voor de grote terts (ongeveer 386 cent). Piano en gitaar zijn gelijkzwevend gestemd, daar is het precies 400 cent. De tabel toont beide waarden.

Veelgestelde vragen

Hoe bepaal je een interval?

Tel de trappen van de onderste naar de bovenste noot, de eerste meegeteld, en stel de halve tonen vast. Samen geven ze de naam, bijvoorbeeld vier halve tonen over drie trappen: een grote terts.

Hoeveel halve tonen heeft een zuivere kwint?

Een zuivere kwint heeft zeven halve tonen, bijvoorbeeld C tot G. Een verminderde kwint heeft er zes, een overmatige acht.

Wat is het verschil tussen groot en klein?

Grote intervallen (secunde, terts, sext, septiem) zijn een halve toon wijder dan de kleine. De grote terts heeft vier halve tonen, de kleine drie.

Wat is de omkering van een interval?

De onderste noot gaat een octaaf omhoog. Een grote terts wordt zo een kleine sext; de twee trapgetallen zijn samen altijd negen.

Bronnen en wettelijke basis

Bijgewerkt op: · Redactioneel beleid

Vergelijkbare tools